Financiële waarborgen
Bijgewerkt op: 21/01/2026
Voorwaarden
Volgens de gewestelijke wetgeving[1] kan de leverancier zijn contractaanbod koppelen aan een financiële waarborg als de klant bij de desbetreffende leverancier openstaande schulden heeft en een eventueel afbetalingsplan niet respecteert.
De leverancier heeft de keuze om deze oplossing al dan niet aan de klant voor te stellen. Dit betekent dat de leverancier dus ook het recht heeft om een contractvoorstel of -verlenging eenvoudigweg te weigeren.
Deze vraag om een waarborg te storten, moet gepaard gaan met een nauwkeurige en objectieve schriftelijke beschrijving van de voorwaarden door de leverancier.
[1] Art. 20bis, tweede tot vijfde lid, van de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest; Art. 25ter, tweede tot vijfde lid van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Modaliteiten
De waarborg wordt gestort in de vorm van een bankgarantie.
Bij de recentste aanpassingen van de ordonnanties verwijderde de wetgever de omkaderende voorwaarden van de waarborg (bedragen, voorwaarden, …). De leverancier kan dus zelf het bedrag kiezen. Het moet echter wel om een redelijk bedrag gaan, dat in verhouding staat tot het vermoedelijke verbruik van de klant.
De leverancier moet zijn eisen schriftelijk kenbaar maken en de klant de nodige documenten bezorgen, zodat die ingevuld kunnen worden door de financiële instelling. De klant bezorgt de correct ingevulde documenten uiterlijk op de geplande startdatum voor de energielevering aan de leverancier.
De termijn voor de aanvraag van een waarborg mag geen belemmering vormen voor de verplichting om het leveringspunt binnen drie weken over te nemen, op verzoek van de klant.
Tijdens de looptijd van het contract kan er geen waarborg gevraagd worden.

