Woning

Als eigenaars hun verplichtingen niet nakomen, kunnen huurders naar de vrederechter stappen

Bijgewerkt op: 06/05/2026

Als eigenaars hun verplichtingen op het vlak van werkzaamheden en onderhoud niet nakomen, kunnen huurders naar de vrederechter stappen om de volgende zaken te vragen:

  • de gedwongen uitvoering van de onderhoudsplicht door de eigenaar[1];
  • of de toestemming om de werken zelf uit te voeren op kosten van de eigenaar[2];
  • of de ontbinding van de huurovereenkomst wegens onterechte niet-naleving door de verhuurder[3]. De rechter heeft een ruime beoordelingsbevoegdheid en zal de ontbinding van de huurovereenkomst alleen gelasten als dit gerechtvaardigd is door de inbreuk door de eigenaar.

Bovendien kan de huurder aan de vrederechter altijd een schadevergoeding met interesten ten laste van de eigenaar vragen. In dat geval moet de huurder bewijzen dat die niet ten volle van het gehuurde goed heeft kunnen genieten, omdat de eigenaar bepaalde verplichtingen niet nagekomen is.

Als de huurder bepaalde verplichtingen niet nakomt, zoals het onderhoud van het pand en de betaling van de huur, dan kan de verhuurder de vrederechter inschakelen en het volgende vragen:

  • de betaling van de achterstallige huur, met terugwerkende kracht tot vijf jaar[4]. Hetzelfde geldt voor de niet-betaling van de lasten: deze actie verjaart eveneens vijf jaar nadat de eigenaar de afrekening aan de huurder bezorgd heeft;
  • de uitzetting van de huurder: hou rekening met de nieuwe normen die sinds 1 september 2023 van kracht zijn;
  • de ontbinding van de huurovereenkomst met betaling van een schadevergoeding en interesten. De vrederechter heeft een ruime beoordelingsbevoegdheid en zal de ontbinding van de huurovereenkomst alleen gelasten als het om ernstige inbreuken door de huurder gaat (regelmatig laattijdige betaling of een niet-gerechtvaardigde niet-betaling van de huur gedurende een bepaalde periode …).

[1] Artikel 219, §3 van de Brusselse Huisvestingscode.

[2] Artikel 222 van de Brusselse Huisvestingscode.

[3] Artikel 219, §3 van de Brusselse Huisvestingscode.

[4] Artikel 2277 van het Burgerlijk Wetboek.