Geplaatst op: 16/12/2025 - Bijgewerkt op: 21/01/2026
Sibelga rolt geleidelijk aan ‘slimme’ (wij spreken liever van ‘digitale’) meters uit. Dit gebeurt binnen een duidelijk afgebakend kader.
De installatie van een digitale meter is verplicht[1]:
- bij de aansluiting van een nieuw of een ingrijpend gerenoveerd gebouw;
- bij de vervanging van een meter wegens ouderdom of technisch defect;
- bij de productie van energie (bijvoorbeeld via zonnepanelen);
- bij de installatie van een laadpunt voor een elektrisch voertuig;
- bij de installatie van een batterij;
- bij het delen van energie;
- bij een jaarlijks verbruik van meer dan 6.000 kWh;
- bij de installatie van een warmtepomp.
Los van de gevallen die in de ordonnantie opgenomen zijn, kunnen consumenten zich verzetten tegen de vervanging van hun meter door een digitale meter. Zij moeten hun weigering wel duidelijk meedelen aan Sibelga. Het uitblijven van een reactie wordt beschouwd als een stilzwijgende instemming.
Communicatiefunctie[2]?
Bij de installatie van een meter is het automatisch uitlezen op afstand (de zogenaamde ‘communicatiefunctie’) standaard uitgeschakeld, behalve bij het produceren en/of delen van energie. Om het lezen op afstand te activeren, heeft Sibelga de toestemming van de gebruiker nodig.
Meer informatie op https://www.sibelga.be/nl/faq/slimme-meter/hoe-activeer-ik-het-automatisch-uitlezen-van-de-gegevens-van-de-slimme-meter
[1] Art. 26octies, §2 van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Zie ook het advies van Brugel: https://brugel.brussels/publication/document/adviezen/2024/nl/ADVIES-382-SLIMME-METERS.pdf
[2] Art. 26octies, §4 van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Geplaatst op: 05/11/2025 - Bijgewerkt op: 10/12/2025
Wanneer energiefacturen onbetaald blijven, kan de vrederechter beslissen om het energiecontract te ontbinden, waardoor de toevoer van gas en elektriciteit afgesloten wordt.
De leverancier heeft ook de mogelijkheid om de overeenkomst niet te verlengen, op voorwaarde dat de klant hierover geïnformeerd wordt voordat het contract afloopt. Als de klant geen nieuw contract afsluit bij een andere leverancier, wordt de stopzetting geregeld door Sibelga en gelden dezelfde principes.
Als de stopzetting tussen 1 oktober en 31 maart gebeurt, wordt deze uitgesteld[1]. Dit wordt de winterstop genoemd. Sibelga is verantwoordelijk voor de levering van gas en elektriciteit tijdens deze periode.
Gebeurt de stopzetting vóór 1 oktober, dan kan het OCMW in bepaalde gevallen – als het van mening is dat het om een inbreuk op de menselijke waardigheid gaat – eisen dat Sibelga de energielevering tijdens de wintermaanden verzorgt.
Deze ‘winterklanten’ betalen in dat geval het sociaal tarief.
De winterstop voor het afsluiten van de energie loopt van 1 november tot 31 maart.
Het wintermoratorium op uithuiszettingen geldt voor de periode van 1 november tot 15 maart.
Let op: vanaf 1 april levert Sibelga geen energie meer aan winterklanten. Dan moet het huishouden een nieuwe leverancier zoeken. Als het hier niet in slaagt, sluit Sibelga de meters af. Heb je een gebruiker die zich in deze situatie bevindt, dan moet deze vóór het einde van de winterstop (31 maart) op zoek naar een leverancier.
Hou er rekening mee dat het sluiten van een nieuw contract soms wat tijd in beslag neemt. Wil het huishouden zeker zijn dat de energie niet afgesloten wordt, dan moet het eind februari-begin maart al een nieuwe leverancier zoeken.
Sommige leveranciers proberen de inwerkingtreding van een contract te vertragen door te goochelen met een termijn van drie weken. Dit argument houdt geen steek. Het gaat namelijk om de termijn die nodig is om de overschakeling tussen twee leveranciers uit te voeren, dus niet voor het afsluiten van een nieuw contract, zoals hier gesuggereerd wordt.
Slaagt de klant er niet in om een contract af te sluiten bij een commerciële leverancier, dan kan het OCMW een beroep doen op een ‘gewaarborgde levering’, zij het voor een maximumperiode van één jaar. Alleen huishoudens met schulden bij twee commerciële leveranciers hebben recht op deze gewaarborgde levering. Meer informatie vind je op deze pagina.
We herinneren eraan dat Infor GasElek gebruikers gratis advies en begeleiding biedt bij de keuze van een nieuw contract.
Als Sibelga een meter afsluit, kost het 173,03 euro om deze opnieuw te activeren (tarief 2025). Dit bedrag moet door het huishouden betaald worden.
[1] Zie artikel 20sexies §6 van de Gasordonnantie en 25octies §6 van de Elektriciteitsordonnantie.
Geplaatst op: 30/10/2025 - Bijgewerkt op: 10/12/2025
Een wintermoratorium, wat is dat precies?
Het wintermoratorium verbiedt sinds 2023 dat huurders tussen 1 november en 15 maart uit hun huis gezet kunnen worden in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Dit verbod is van toepassing op zowel publieke als private huurwoningen. Een uithuiszetting kan in deze koudste maanden van het jaar ernstige menselijke gevolgen hebben.
Het wintermoratorium op uithuiszettingen geldt voor de periode van 1 november tot 15 maart.
Daarnaast is er de winterstop voor het afsluiten van de energietoevoer, die van 1 november tot 31 maart loopt.
De onderbreking van de uithuiszetting slaat enkel op de uitvoering ervan: een vrederechter kan tijdens deze periode perfect besluiten tot een uithuiszetting en ook de gerechtsdeurwaarder kan deze betekenen. De uithuiszetting zelf kan echter pas op 16 maart plaatsvinden.
De huurder is aan de eigenaar een ‘bezettingsvergoeding’ verschuldigd, die overeenstemt met het huurbedrag. Als de huurder deze vergoeding niet betaalt, kan de verhuurder een schadevergoeding aanvragen bij het gewestelijk Begrotingsfonds voor Solidariteit. Deze schadevergoeding dekt de periode waarin de uithuiszetting plaatsgevonden zou hebben als er geen moratorium bestond.
Uitzonderingen op het moratorium
De vrederechter kan tijdens het moratorium een uithuiszetting toestaan, maar moet daarbij de beslissing uitdrukkelijk motiveren. Dit is enkel toegestaan in de volgende gevallen:
- De huurder woont niet meer in de woning of heeft een oplossing gevonden in de vorm van nieuwe huisvesting.
- Het pand houdt een gezondheids- of veiligheidsgevaar in.
- Het gedrag van de huurder vormt een gevaar voor mensen of goederen.
- De verhuurder moet de woning opnieuw in bezit nemen wegens overmacht, bijvoorbeeld omdat de verhuurder er zelf moet intrekken en geen andere woning ter beschikking heeft.
Moratorium ter discussie gesteld en reactie van het Grondwettelijk Hof
Het Syndicat National des Propriétaires et Copropriétaires had beroep aangetekend tegen de ordonnantie, mede onder het mom van een grove schending van het recht op eigendom. Ook hadden bepaalde vrederechters prejudiciële vragen voor het Grondwettelijk Hof.
Het Hof heeft deze argumenten verworpen en geconcludeerd dat er dankzij deze maatregelen situaties vermeden kunnen worden die de menselijke waardigheid aantasten. Deze doelstelling werd als legitiem beschouwd en de maatregelen als pertinent en niet buitenproportioneel.
Daarmee bevestigde het Hof de juridische geldigheid van het wintermoratorium en maakte het een einde aan de onzekerheid die sinds de goedkeuring ervan bestond.
Hoe zit het in Vlaanderen en Wallonië?
In Wallonië bestaat er enkel een wintermoratorium voor sociale woningen. Tot en met 2023 gold deze regel ook in Brussel, waar het moratorium uitgebreid werd naar alle huurwoningen.
In Vlaanderen bestaat er geen wintermoratorium.
Kraakpanden en uithuiszettingen in de winter
Het wintermoratorium geldt niet voor krakers en precaire bewoningen.
Een vrederechter kan wel de uithuiszetting van de bewoners opschorten wanneer die van mening is dat het niet aangewezen is om de ‘bewoners’ op straat te zetten.
Dat was bijvoorbeeld het geval in dit vonnis van 21 oktober 2024 van de Franstalige rechtbank van eerste aanleg van Brussel.
Geplaatst op: 14/10/2025 - Bijgewerkt op: 21/01/2026
De intrek in een nieuwe woning is een cruciaal moment om misverstanden en conflicten tussen huurder en eigenaar te vermijden tijdens de duur van de huurovereenkomst. Daarom geven we een aantal tips die je met je begunstigden kan delen om deze risico’s te vermijden.
Wanneer je als huurder naar een nieuwe woning verhuist, moet je een goed beeld krijgen van de werking van de installaties. Denk bijvoorbeeld aan verwarming, warm en koud water en de keuken.
Er zijn een aantal documenten die belangrijke informatie bevatten:
1. De huurovereenkomst
Deze bepaalt wie welke kosten draagt[1]. Er zijn verschillende opties:
- Individuele meter: de huurder sluit een contract met een leverancier en betaalt de facturen rechtstreeks aan die leverancier.
Voor elektriciteit is dit verplicht. - Forfait te betalen aan de eigenaar: een vast maandelijks bedrag boven op de huur.
Dit bedrag staat los van het werkelijke verbruik. - Provisies te betalen aan de eigenaar: een voorlopig bedrag (of voorschot). Eén keer per jaar wordt er een kostenafrekening gemaakt, waarna het verschil op basis van het werkelijke verbruik (terug)betaald wordt.
2. Plaatsbeschrijving
Deze beschrijft de toestand van elke ruimte van de woning. In ons geval speelt vooral de toestand van technische apparatuur een rol. In grote lijnen staat de huurder in voor het onderhoud van de apparaten en moet de eigenaar ze vervangen/herstellen als ze te oud en versleten zijn. De plaatsbeschrijving vormt een interessante basis om te weten in welke toestand de apparaten zich aan het begin van de huurovereenkomst bevinden.
Onze gratis opleidingen (verstrekt in het Frans) geven een duidelijk beeld van de verplichtingen van huurder en eigenaar. Schrijf je in voor onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van de data van onze volgende opleidingen.
De plaatsbeschrijving of overhandiging van de sleutels is een goede gelegenheid om vragen over de technische installaties te stellen: werken het fornuis, de verwarming en het warm water op gas, op elektriciteit of misschien op stookolie?
3. Het opnemen van de meterstanden

De huidige meterstand wordt gebruikt om het verbruik van de nieuwe huurder te meten. Door bij de overhandiging van de sleutels een foto van de water-, elektriciteits- en gasmeter te nemen, vermijd je discussies achteraf. Tip: noteer deze meterstanden in de plaatsbeschrijving.
Het kan om commerciële meters (Sibelga of Vivaqua) of om doorstroommeters (van Ista, Techem of Aquatel) gaan.
De commerciële meters bevinden zich meestal in de kelder. Ga na of ze in orde zijn. Ze moeten verzegeld zijn: een zegel van Sibelga (in het groen op de foto) en een of meerdere discretere ‘staatszegels’, meestal van lood of plastic.
Dankzij deze zegels is Sibelga zeker dat er niet met de meter ‘geknoeid’ werd. Het is niet mogelijk om de meter te openen zonder minstens een van de zegels af te breken.
Als de zegels kapot zijn, neem dan onmiddellijk contact op met Sibelga. Anders riskeer je beschuldigd te worden van fraude. De kosten kunnen in dat geval hoog oplopen, omdat er een hoger tarief dan de commerciële tarieven toegepast wordt en er forfaitaire kosten aangerekend worden.
Bij een verhuizing moet je de leverancier laten weten dat je uit je woning trekt en in een andere intrekt. Het gebeurt regelmatig dat huurders het contract op hun vorige adres vergeten stop te zetten. Bijgevolg blijven de meters op hun naam staan en wordt later verbruik (door nieuwe huurders, werken, enz.) dus nog altijd aan hen gefactureerd.
4. Het energieovernamedocument
Dit is een standaarddocument waarmee je bepaalde gegevens aan de leveranciers doorgeeft.
Let op, er zijn twee verschillende documenten:
- Het verhuisformulier voor waternetbeheerder Vivaqua, dat online ingevuld moet worden. Om zeker te zijn dat je bij de indiening van dit formulier over de juiste informatie beschikt, kan je je baseren op het pdf-formulier.
- Het energieovernamedocument voor de gas- of elektriciteitsleverancier(s). In dit document moet je een leverancier voor de individuele meters kiezen.
Deze visuele facilitatie (in het Frans) geeft een handig overzicht van belangrijke informatie en zaken die je niet mag vergeten.
[1] Artikel 218 van de Brusselse Huisvestingscode bepaalt wat er wettelijk in de overeenkomst moet staan: een individuele of collectieve meter, provisies voor kosten of forfait, hoe de kosten berekend worden, alsook de referenties van de meters.
Geplaatst op: 14/10/2025 - Bijgewerkt op: 21/01/2026
Het recht op waardige en betaalbare huisvesting staat in tal van teksten beschreven, van de universele verklaring van de rechten van de mens tot de Brusselse Huisvestingscode.
Sinds 1 mei 2025 zijn overdreven hoge huurprijzen verboden in Brussel. Om te bepalen of een huurprijs te hoog is, wordt gekeken naar de referentiehuurprijs.
Referentiehuurprijs
Om de huurprijzen te reguleren, stelde het Gewest ruim tien jaar geleden een overzicht van de huurprijzen op, dat sindsdien regelmatig aangepast en bijgewerkt werd. Deze berekening is gebaseerd op een aantal factoren die de referentiehuurprijzen in positieve of negatieve zin beïnvloeden:
- De ligging
- De staat (al dan niet gerenoveerd, met of zonder dubbel glas, …)
- De bewoonbare oppervlakte
- Het aantal kamers
- De aanwezigheid van voorzieningen die het comfort gunstig of ongunstig beïnvloeden:
- Centrale verwarming
- Temperatuurregeling (thermostaat, thermostatische kranen, …)
- Ontspanningsruimten (terras, tuin, …)
- Lage energieprestatiescore
- Tweede badkamer, garage, bergruimte
Op de website huurprijzen.brussels vind je een test om de referentiehuurprijs te bepalen. Deze wordt elk jaar bijgewerkt.
Deze referentiehuurprijs moet vermeld staan in de huurovereenkomst.
Wanneer is er sprake van een ‘onredelijke’ huurprijs?
Een huurprijs wordt in twee gevallen als ‘onredelijk’ beschouwd:
- De huurprijs ligt 20% boven de referentiehuurprijs.
Soms kan deze hogere huurprijs echter gerechtvaardigd worden door kwaliteitselementen die eigen zijn aan de woning of de omgeving, waardoor de term ‘onredelijk’ niet meer van toepassing is. - De huurprijs ligt binnen de vork van 20% boven de referentiehuurprijs, maar de woning of omgeving vertoont specifieke kwaliteitsgebreken.
Enkele voorbeelden van gebreken waardoor een huurprijs als onredelijk kan worden bestempeld als die minder dan 20% boven de referentiehuurprijs ligt:
– geen aparte badkamer of een badkamer die enkel toegankelijk is via de gemeenschappelijke delen
– geen uitgeruste keuken
– geen verwarming of warm water
– geen individuele meters
– geen parlofoon of lift voor woningen op de vierde verdieping of hoger
– geen individuele brievenbus
– geen aansluiting voor een wasmachine
De vzw ‘Loyers négociés’ lanceerde een brochure waarmee je de woning kan analyseren. Zo kan je vervolgens de tabel op huurprijzen.brussels invullen.
Als de woning problemen heeft die de woning onbewoonbaar maken of het goede gebruik ervan in de weg staan, zijn er nog andere opties, zoals de vrederechter. Een bezoekverslag door een woonvereniging vormt daarbij meestal de eerste stap.
Hoe kan je een onredelijke huurprijs laten aanpassen?
Een eigenaar kan enkel door de vrederechter verplicht worden om de huurprijs te verlagen.
Maar ook de Paritaire Huurcommissie (PHC of CPL in het Frans) speelt hierbij een belangrijke rol en kan een advies uitbrengen over de huurprijs. Als de commissie vindt dat de huurprijs aangepast moet worden, kan ze een verzoening tussen beide partijen voorstellen, met als doel een verlaging van de huurprijs te bespreken.
Alvorens uitspraak te doen, kan de vrederechter ook het advies van de PHC inwinnen.
Het voordeel van de PHC is dat haar advies gratis is en in theorie binnen de twee maanden na de aanvraag uitgebracht wordt.
In deze brochure vind je meer informatie over de werking van de PHC.
Meer informatie om een adviesaanvraag in te dienen op deze website vind je hier.
Alle informatie over het proces vind je in deze presentatie.
Een dossier voorbereiden
Het is belangrijk om het dossier voor de PHC goed voor te bereiden. Een volledig dossier omvat onder andere:
- de huurovereenkomst met de huurprijs;
- de oppervlakte van het pand, die bijvoorbeeld op het EPB-certificaat vermeld staat;
- algemene foto’s van het appartement, op basis waarvan de staat vastgesteld kan worden;
- foto’s van de kwaliteitsgebreken in kwestie;
- vermelding van de referentiehuurprijs.
Weet dat er voor de voorbereiding van het dossier een beroep gedaan kan worden op verschillende partijen en dat de huurder vergezeld mag worden door ‘elke betrokken persoon’. Zo kan ook een OCMW advies vragen aan de PHC, bijvoorbeeld als het een huurschuld moet aanzuiveren en van mening is dat er sprake is van een onredelijke huur.
Sommige verenigingen hebben een zeer grondige kennis van de procedure, denk bijvoorbeeld aan Convivence-Samenleven, Loyers Négociés en Wuune.
Wie slaagt erin de huurprijs te laten zakken?
61% van de Brusselse huurders vist in dezelfde vijver van woningen, waardoor de stad te weinig betaalbare woningen telt. Door de scheve machtsverhouding tussen eigenaars en huurders is het voor die laatsten moeilijk om hun rechten te laten gelden.
Toen dit artikel geschreven werd, heeft de PHC iets meer dan 15 beslissingen uitgebracht, waarbij er in meeste gevallen geen sprake was van een onredelijke huurprijs. In verschillende gevallen bereikten de leden van de PHC geen unanimiteit over het onredelijke karakter van de huurprijs. In slechts twee beslissingen werd de huurprijs als onredelijk beschouwd. In beide gevallen werd er verwezen naar kwaliteitsgebreken
en volgde er een uitnodiging tot verzoening. Dit voorstel werd slechts in één geval door beide partijen aanvaard, die vervolgens wel overeenstemming bereikten over een nieuwe huurprijs. In het andere geval ging de verhuurder niet in op het voorstel tot verzoening, al zal het advies wel voorgelegd worden aan de vrederechter.
De toegekende verlaging van de huurprijs gaat pas in op een bepaalde datum, dus niet op het moment van ondertekening van de huurovereenkomst. Voor precieze informatie kan je dit document raadplegen. Op slide 25 vind je informatie over de verzoening via de PHC en op slide 43 over de doorverwijzing naar de vrederechter.
Het inschakelen van de PHC is dus geen mirakeloplossing voor betaalbare huurprijzen in Brussel. Toch kan je je als huurder dankzij de PHC en het verbod op onredelijke huurprijzen makkelijker verdedigen, bijvoorbeeld wanneer je voor de vrederechter gedaagd wordt wegens het niet-betalen van de huur.
Bij problemen die het goed gebruik van de woning in de weg staan, komt het vrij vaak voor dat de vrederechter de huur met terugwerkende kracht verlaagt vanaf het begin van de hinder, op voorwaarde dat de eigenaar op de hoogte is van de hinder en deze niet veroorzaakt werd door de huurder.
In een van de beslissingen van de PHC wordt verwezen naar het rapport over huisvesting van de vzw Convicence-Samenleven. Ook vrederechters baseren zich zeer vaak op de bezoekverslagen van dergelijke verenigingen, die ervoor zorgen dat de dossiers aan geloofwaardigheid winnen.
Het Steunpunt SocialEnergie staat ter beschikking voor huisbezoeken met betrekking tot water en energie. Om gratis een beroep te doen op onze diensten, kan je contact met ons opnemen via het nummer 02 526 03 00 of per mail via socialenergie@fdss.be.
Geplaatst op: 14/10/2025 - Bijgewerkt op: 21/01/2026
Klinkt het bekend? Je hebt een kostenafrekening in handen maar geen flauw benul waar je moet beginnen om te begrijpen wat er precies gefactureerd wordt.
We geven je graag enkele tips om heel eenvoudig een eerste analyse uit te voeren en eventuele fouten op te sporen. Meer informatie vind je in dit praktische overzicht.
We voegen ook kostenafrekeningen van Ista en Techem toe met een aantal aantekeningen, die je helpen bij het ontcijferen van dergelijke afrekeningen.
1. Vergelijk het verbruik voor verwarming
Op het eerste gezicht is het altijd moeilijk om in te schatten of het verbruik voor verwarming op een afrekening al dan niet ‘hoog’ is. Dat komt doordat de calorimeters van de eenheden niet weergegeven worden in kWh of m³. Deze eenheden worden gebruikt om het gasverbruik tussen de verschillende woningen te vergelijken, al hebben ze op zich geen echte waarde.
Hierbij twee handige manieren om een eerste beeld te krijgen:
Ten eerste, vergelijk de kostenafrekeningen van eenzelfde woning met die van het jaar voordien. Zo weet je bijvoorbeeld of het factuurbedrag van het gebouw gestegen is.
Ten tweede, kijk naar het gasverbruik van een bepaald appartement ten opzichte van het volledige gebouw, want dat kan ook interessante informatie opleveren. Als een gebouw bijvoorbeeld uit vijf wooneenheden bestaat (dus ongeveer 20% per woning) en één bewoner instaat voor 50% van de verwarmingskosten, dan kan een huisbezoek aangewezen zijn (zie onderstaand voorbeeld).
2. Controleer de prijs van warm en koud water
De meterstand staat normaal gezien duidelijk vermeld op de afrekening, zodat je ze gemakkelijk kan vergelijken met het standaardverbruik. Voor de prijs is dat echter minder voor de hand liggend.
Sinds 2022 wordt de waterprijs lineair berekend in het Brussels Gewest. Het tarief staat op de website van Vivaqua. Toch gebeurt het regelmatig dat de prijs per m³ koud water op de afrekening afwijkt van de officiële prijs per m³ op de website van Vivaqua. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer de meterstanden van de hoofdmeter door Vivaqua niet op hetzelfde moment opgenomen worden als de meterstanden van de doorstroommeters.
Is er echter een te groot verschil tussen de gefactureerde prijs en de officiële Vivaqua-prijs, dan kan er sprake zijn van een probleem. Denk aan een lek in de gemeenschappelijke ruimten, een fout in de meteropname, …
Ditzelfde probleem geldt voor de post warm water. Deze bestaat enerzijds uit koud water dat verwarmd werd en anderzijds uit gas/mazout waarmee het water verwarmd werd. In onze ervaring stellen we vast dat de prijs van warm water in september 2025 tussen 15 en 25 euro per m³ schommelt, afhankelijk van de prestaties van de apparatuur, eventueel energieverlies, de grootte van het gebouw, …
Het gemiddelde waterverbruik (warm en koud water) per persoon en per jaar ligt naar schatting op zo’n 40 m³, ofwel 400 hectoliter (hl).
3. Kijk welke kosten niet aan de huurder doorberekend mogen worde
Hou steeds rekening met de bepalingen in de huurovereenkomst. De Brusselse Huisvestingscode bepaalt wat er in een huurovereenkomst moet staan (artikel 218 BHC).
Enerzijds moet de huurovereenkomst vermelden welke kosten er zijn en hoeveel die naar schatting bedragen, en dit voor de private en/of gemeenschappelijke delen. Anderzijds moet duidelijk vermeld staan of die kosten berekend worden op basis van de werkelijke kosten (al dan niet met een systeem van periodieke voorschotten) of op basis van een forfait dat alle uitgaven zou moeten dekken.
Daarnaast moeten de volgende zaken beschreven worden:
- de berekeningswijze
- het aantal quotiteiten in de mede-eigendom
- het al dan niet bestaan van individuele meters voor water, gas en elektriciteit, met eventueel de meternummers en de EAN-code of een andere individuele code.
- de verdeling van de gemeenschappelijke kosten. Door het grote aantal verschillende kosten is het niet altijd eenvoudig te weten welke kosten aan de huurders doorberekend kunnen worden.
Voor begunstigden van een OVM geldt een aparte wetgeving, zie ook onze fiche hierover. Zo bepaalt het BBHR van 14 november 1996 een limitatieve lijst van de kosten die aangerekend kunnen worden.
4. Controleer de meterstanden van de calorimeters
Een controle van de meterstanden kan soms problemen met de radiatorkranen aan het licht brengen. Als er voor een bepaalde radiator meer eenheden vermeld worden dan voor een andere, terwijl die zich in een niet of nauwelijks verwarmde ruimte bevindt, kan dat op een technisch probleem wijzen, bijvoorbeeld met een kraan of een geblokkeerde radiator. In dat geval kan een huisbezoek aangewezen zijn.
5. Controleer of de meterstanden opgenomen werden dan wel of het om een schatting gaat
Als de energiemaatschappij geen toegang heeft tot de calorimeters, zal ze zelf een schatting maken van het verbruik, net zoals ze dat doet voor de energiefacturen. Controleer dus of de afrekening gebaseerd is op het werkelijke verbruik, en niet op een geraamd forfait.
In het geval van een ‘opgenomen’ verbruik staan er over het algemeen geen aparte opmerkingen op de afrekening. Bij een schatting daarentegen staan er opmerkingen als ‘Ontbrekend toestel’, ‘Forfait’, ‘Niet geplaatst’, ‘NT’ (niet-toegankelijk) of ‘GV’ (geschat verbruik). Ook de aanwezigheid van twee identieke cijfers in de kolom ‘meterstanden’ is een goede aanwijzing.
Weet wel dat door de komst van de digitale tellers de meterstanden steeds vaker op afstand en na een bepaalde termijn opgenomen worden, waardoor er geen fysieke meteropnames meer zijn.
Toch blijft het aangewezen om de meterstanden te controleren.
Wat moet je doen bij een fout?
Als je een afrekening betwist, kan je in eerste instantie contact opnemen met de syndicus, de verhuurder of de externe maatschappij (Ista, Techem, …). Zij kunnen vaak helpen om de berekening te verduidelijken en een oplossing in der minne te vinden.
De verhuurder of syndicus stuurt de facturen van het gebouw meestal door, zodat het externe bedrijf van de meteropname een opsplitsing tussen de verschillende wooneenheden kan maken. Afhankelijk van het type probleem (bedrag of opsplitsing) kan het interessant zijn om contact op te nemen met de juiste partij. Sowieso moet de verhuurder de aangerekende kosten altijd kunnen rechtvaardigen en contact opnemen met Ista, Techem of Aquatel om meer informatie te verkrijgen.
Als dat niet tot een oplossing leidt, kan je als klant terecht bij een ombudsdienst om klacht in te dienen. Als laatste redmiddel kan de zaak naar de vrederechter, die een verzoening[1] kan organiseren of een klassieke rechtszaak kan opstarten.
Zit je na deze controles nog altijd met vragen? Dan kunnen wij je helpen om de afrekeningen meer in detail te bestuderen. We zijn bereikbaar op 02 526 03 00 en per mail via socialenergie@fdss.be.
We organiseren gratis opleidingen om kostenafrekeningen beter te begrijpen. Meld je aan voor onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van de opleidingsdata. We kunnen deze opleiding trouwens ook ter plaatse organiseren voor uw hele team. Neem gerust contact met ons op!
Naar duidelijkere kostenafrekeningen
Hoewel een recente wijziging van de Brusselse Huisvestingscode een aantal verbeteringen omvat, zoals de invoering van een correctieregeling en de verplichting om de meterstanden ter plaatse op te nemen, zijn de regels voor kostenafrekening nog te vrijblijvend.
Daarom pleiten we voor:
- duidelijke en leesbare afrekeningen volgens een uniform model;
- één berekeningswijze voor gebouwen met gemeenschappelijke voorzieningen;
- facturen op basis van werkelijk verbruik;
- een snelle toegang tot de elementen waar de berekening op gebaseerd is;
- een verbod om meerdere afrekeningen per jaar te sturen. Sommige verhuurders willen graag overschakelen op maandelijkse afrekeningen, terwijl de juistheid van de gefactureerde bedragen hier niet gegarandeerd kan worden.
[1] De verzoening via de vrederechter is een gratis procedure om een geschil in der minne te regelen. De rechter helpt daarbij als ‘neutrale derde’ om zelf een akkoord te vinden. Bij een akkoord legt de rechter de voorwaarden vast in een proces-verbaal, dat dezelfde waarde heeft als een vonnis.
Geplaatst op: 30/09/2025 - Bijgewerkt op: 21/01/2026
Voor mensen die met een al dan niet verborgen lek in hun privé-installatie kampen, kan er een verminderd tarief toegekend worden wanneer de volumes minstens twee keer hoger liggen dan het gewone verbruik.
Sinds 1 januari 2022 kan het lektarief ook aangevraagd worden door mensen met een doorstroommeter die niet het eigendom van Vivaqua is.
De modaliteiten staan beschreven op de website van Vivaqua en op deze pagina van onze website.
Geplaatst op: 30/09/2025 - Bijgewerkt op: 21/01/2026
Gebruikers kunnen bij Vivaqua drie soorten afbetalingsplannen aanvragen, en dit vanaf de eerste aanmaning. Hoe sneller, hoe beter.
- Het ‘gestandaardiseerde’ afbetalingsplan op 12 maanden (of minder)
- Het ‘redelijke’ afbetalingsplan
- Het afbetalingsplan voor een abnormaal verbruik op 60 maanden
De modaliteiten staan beschreven in de algemene voorwaarden van Vivaqua en op deze pagina van onze website.
De afbetalingsplannen die ons bekend zijn, worden door Vivaqua toegekend op basis van de jaarlijkse afrekeningsfacturen. De Waterordonnantie heeft het in het algemeen over de ‘factuur’, zonder te preciseren of het om de jaarafrekeningen of de tussentijdse facturen gaat.
Geplaatst op: 27/06/2017 - Bijgewerkt op: 11/07/2017
De afsluiting van een gas-/elektriciteitsmeter wordt enkel aan de klant gefactureerd in het geval van een “End of contract”* (beëindiging van het contract). In de andere gevallen (verhuis, door de vrederechter opgelegde afsluiting, MOZA of omwille van veiligheidsredenen) zal de afsluiting niet aan de consument worden doorgerekend.
Wat is een afsluiting in het kader van een “beëindiging van het contract”?
In Brussel zijn energiecontracten altijd contracten van bepaalde duur, met name minstens drie jaar (verplichting voor de leverancier) ook al kan een klant op elk moment van leverancier veranderen.
Als het contract afloopt, heeft de leverancier (of de consument) het recht om het energiecontract niet te hernieuwen. Als de consument geen contract afsluit met een andere commerciële leverancier, zal een procedure voor afsluiting van de meter worden gestart.
Procedure:
- de leverancier verwittigt de consument ten minste één maand voor de datum waarop het contract afloopt, dat zijn contract niet zal worden verlengd.
- de leverancier vraagt aan Sibelga om de meters af te sluiten in het kader van een “End of contract”, en dat ten minste 28 dagen voor de voorziene afsluitingsdatum.
- Sibelga verwittigt de betrokken consument per post (via een gewone brief en via een aangetekend schrijven met ontvangstbewijs) dat zijn meter zal worden afgesloten als hij geen nieuwe leverancier vindt (of als hij zijn contract met zijn huidige energieleverancier niet verlengt). Als de consument een contract afsluit met een nieuwe leverancier, dan zal deze laatste het contract bevestigen. Als het contract wordt aanvaard, wordt de afsluitingsprocedure afgebroken en zal de meter niet worden afgesloten.
De afsluiting van de meters in het kader van de beëindiging van een contract kan op elk moment van het jaar gebeuren, ook tijdens de afsluitingsvrije winterperiode. Er is geen uitspraak van een vrederechter voor nodig.
Verder mag ook niet vergeten worden dat er, na afsluiting van een meter, kosten aan de bewoner zullen worden aangerekend om de meter opnieuw te openen. Meer informatie daarover vindt u op deze pagina.
“End of contract” en opzegtermijnen
Het is ook belangrijk om de termijnen in de gaten te houden waarbinnen een nieuw contract wordt afgesloten in het kader van deze “End of contract” procedure. Het nieuwe contract moet ten allerlaatste ingaan op de afsluitingsdatum die in het “End of contract” dossier wordt vermeld.
Voorbeeld: uw contract eindigt op 30 juni 2017. Op 16 juni 2017 sluit u een contract af met een nieuwe leverancier. Gezien de opzegtermijn van één maand zal het nieuwe contract pas ingaan op 16 juli 2017. Het is dus belangrijk om aan de nieuwe leverancier te zeggen dat uw huidige leverancier een “End of contract” procedure heeft opgestart, zodat de nieuwe leverancier aan Sibelga een “supplier switch after end of contract”* kan aanvragen en zo de afsluiting van de meter kan tegenhouden.
Dit zijn de termijnen die Sibelga hanteert in het kader van een “supplier switch after end of contract”: de nieuwe leverancier moet de overname van het leveringspunt ten laatste 7 dagen van tevoren aanvragen en de ingangsdatum is ten laatste de datum die is voorzien in het “End of contract” dossier.
* End of contract en supplier switch after end of contract zijn de officiële termen die worden gebruikt door Sibelga
Geplaatst op: 28/03/2017 - Bijgewerkt op: 21/04/2017
De namen van de onderstaande bedrijven zijn fictief en worden enkel bij wijze van illustratie gebruikt.
“Distinct” is een leverancier van aardgas en elektriciteit die een vergunning heeft om energie te leveren in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, maar ook in Vlaanderen en Wallonië.
Hij heeft aanbiedingen waarop elke fysieke en rechtspersoon in Vlaanderen kan ingaan.
Voor Wallonië en Brussel vermeldt hij echter dat zijn aanbiedingen (voorkeurtarieven) enkel beschikbaar zijn voor huishoudelijke afnemers die werkzaam zijn in de kledingwinkels van de keten “Stylish”, en dat tijdens de periode waarin ze via een arbeidsovereenkomst aan “Stylish” of een van haar filialen gebonden zijn.
Kan een leverancier die een vergunning heeft om aardgas en/of elektriciteit te leveren zomaar beslissen dat zijn aanbiedingen enkel voorbehouden zijn voor bepaalde doelgroepen?
Wat zegt de wet?
Wat elektriciteit betreft:
Artikel 25ter van de Ordonnantie van 19/07/2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest stelt, wat betreft de openbare dienstverplichtingen met betrekking tot de levering van elektriciteit: “De leverancier maakt, aan elke afnemer die erom verzoekt, binnen 10 werkdagen een redelijk en niet-discriminerend voorstel van leveringscontract over en deelt hem de algemene leveringsvoorwaarden mee evenals, met name wanneer de afnemer een huishoudelijke afnemer is, de bepalingen van deze ordonnantie die betrekking hebben op de beschermde afnemers.”
Wat aardgas betreft:
Artikel 20bis van de Ordonnantie van 01/04/2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, stelt in zijn hoofdzaak betreffende de openbare dienstverplichtingen: “De leverancier maakt, aan elke afnemer die erom verzoekt, binnen tien werkdagen een redelijk en niet-discriminerend voorstel van leveringscontract over en deelt hem de algemene leveringsvoorwaarden mee evenals, met name wanneer de afnemer een huishoudelijke afnemer is, de bepalingen van deze ordonnantie die betrekking hebben op de beschermde afnemers.”
» Meer informatie over die verplichtingen vindt u hier
De gerichte aanbieding van “Distinct” voldoet niet aan de verplichting dat de leveranciers van aardgas en elektriciteit een niet-discriminerend voorstel moeten doen aan alle Brusselse afnemers die daarom verzoeken.
In dit geval zou het dossier kunnen worden voorgelegd aan BRUGEL die een procedure zou kunnen opstarten om de vergunning van de leverancier in te trekken, zoals gestipuleerd in de Besluiten van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest die de criteria en de procedures vastleggen voor het toekennen, vernieuwen, overdragen en intrekken van een goedkeuring voor de levering van aardgas (besluit van 6 mei 2004) en elektriciteit (besluit van 18 juli 2002).
Geplaatst op: 31/05/2016 - Bijgewerkt op: 27/09/2016
Nee. Sibelga is wat men de leverancier van de laatste kans noemt. Dat wil zeggen dat Sibelga energie levert zolang het gezin zijn schuld aan de commerciële leverancier afbetaalt.
Wanneer de schuld is terugbetaald, wordt het contract met de commerciële leverancier weer van kracht.
Meer informatie over het statuut van beschermde klant vindt u op deze pagina.
Het kan interessant zijn om samen met het gezin na te gaan of zijn contract nog steeds het meest voordelige is voor zijn specifieke verbruiksprofiel.
Meer informatie over de keuze van een contract vindt u op deze pagina.
Geplaatst op: 31/05/2016 - Bijgewerkt op: 27/09/2016
Wanneer een elektriciteitsmeter is uitgerust met een stroombegrenzer, dan kan het gebeuren dat de zekeringen springen. Als meerdere toestellen die veel energie verbruiken tegelijk werken, kan het dat het (beperkte) geleverde vermogen niet volstaat om de goede werking van al die toestellen te garanderen. Onder bepaalde voorwaarden kan het OCMW aan Sibelga vragen om het vermogen van de begrenzer te verhogen.
Meer informatie over de stroombegrenzer vindt u op deze pagina.





